zondag 17 januari 2016

Kipsaté pasteitjes



Deze zondag staat er niet iets op het programma en neem ik de dag zoals die komt. Wel heb ik in de loop van de morgen de vogels in mijn tuin geteld. Het is vandaag weer tijd voor de nationale vogeltelling en daarvoor heb ik, zoals al vele jaren hiervoor, een half uur voor uitgetrokken. Niet dat ik een grote tuin heb of dat ik bijzondere waarnemingen doe, maar ik tel en geef mijn resultaten door aan de vogelbescherming. Ook dit keer geen verrassingen en het aantal vogels was ook al niet erg groot. Dit is te verklaren doordat ik de vogels nog geen extra voer heb gegeven. Geen vetbollen opgehangen of zaden gestrooid, want het weer gaf daar geen aanleiding toe.

Eén vogeltje gaf mij een warm gevoel: een roodborstje. Deze staat elk jaar op mijn resultatenlijst en elk jaar verschijnt dit vogeltje op het laatste moment van het half uur dat ik de tijd neem om te tellen. Iedere keer denk ik dat het vogeltje gevlogen is en mijn tuin voorbij vliegt en een ander onderkomen heeft gevonden voor de winter. Maar daar is die dan toch, in de 28ste minuut. Weer een turfje op mijn lijst en in gedachten wens ik hem toe: tot volgend jaar en keer ik terug naar de keuken.

Voor de gezelligheid maak ik deze pasteitjes. Lekker voor tussendoor of bij de borrel.

Kipsaté pasteitjes

Ingrediënten:

1 pak diepvries bladerdeeg (10 plakjes)
1 kipfilet
500 milliliter kipbouillon
100 gram gekookte rijst
25 gram taugé
5 eetlepels Wijko satesaus
1 eetlepel petjil
1 scheut volle melk (of zoveel meer als nodig)
1 ei
1 eetlepel sesamzaadjes

Attributen:

Quick Bite (keukenhulpje om pasteitjes te maken)
Bakpapier
Sauspan
Lepel
Kwastje

Werkwijze:

Laat de plakjes bladerdeeg ontdooien.

Verwarm de oven voor op 225 graden (heteluchtoven 200 graden)

Verwarm de kippenbouillon in een pan en voeg de kipfilet in zijn geheel toe. Haal de bouillon van het vuur als deze kookt en laat de filet 10 tot 15 minuten garen in de warme vloeistof. Haal de filet uit de pan, laat even afkoelen en snijd deze in kleine stukjes.

Verwarm de satésaus met de petjil en een flinke scheut melk in een sauspan en meng de massa op een zacht vuur. De saus is goed als het zo dik is als yoghurt.

Spoel de taugé. Kluts het ei met een scheutje melk door elkaar.

Voeg alle ingrediënten voor de vulling bij elkaar.

Leg een vel bladerdeeg in de Quick Bite en doe een lepel van de vulling in het midden. Knijp de Quick Bite dicht en verwijder met een scherp mesje het overhangende deeg. Haal het pasteitje uit de Quick Bite en rol de geplette buitenrand een beetje naar het midden. Leg het pasteitje op de met bakpapier bekleedde bakplaat. Maak zo alle 10 de pasteitjes. Bestrijk met het kwastje het eimengsel over de pasteitjes. Strooi het sesamzaad over de pasteitjes.

Schuif de bakplaat in de voorverwarmde oven en bak in 20 minuten goudbruin.

Smullen maar!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen