maandag 16 mei 2011

Amaretto crème brûlée


Een crème brûlée hoeft niet gecompliceerd te zijn om goed te zijn. De toevoeging van de Italiaanse likeur Amaretto di Saronno en wat amandelsnippers zorgen voor een overheerlijk nagerecht. Een gemakkelijk te bereiden gerecht, snel maar zeer smaakvol. Een traktatie voor de eter.

Zelf doe ik de voorbereidingen voor de crème brûlée. Mijn man zorgt voor de afwerking. Dat wil zeggen hij draagt zorg voor het branden van de suiker. Dat gebeurt in de garage met een hobbybrander, vlak voordat het gerecht als dessert op tafel wordt geserveerd. In principe een eenvoudig klusje waar ik ook voor zou kunnen zorgen. Maar ja; branden en mannen! Dan weet je het wel.

Amaretto crème brûlée

Ingrediënten:

8 eieren (M)
60 gram fijne tafelsuiker
625 milliliter slagroom
125 milliliter Amaretto di Saronno

Afwerking:

6 theelepels amandelsnippers
3 eetlepels poedersuiker

Benodigdheden:

6 ronde soufflébakjes
1 braadpan
Eventueel een brander.

Werkwijze:

Verwarm de oven voor op 180 graden (heteluchtoven 160 graden).
Splits de eieren voorzichtig. Alleen de dooiers zijn nodig voor dit gerecht. Het eiwit kan in de diepvries bewaard worden voor een andere toepassing.

Meng met een vork de eierdooiers en de suiker in een kom. Giet de room in een steelpan en breng langzaam tegen de kook aan. Klop de room dan geleidelijk door het dooiermengsel.

Roer er de Amaretto door en zeef de custard boven de steelpan.

Zet 6 soufflébakjes in een braadpan en verdeel de custard er over. Giet zoveel warm water rond de bakjes dat ze half onderstaan. Bak dan 20 tot 25 minuten in de voorverwarmde oven tot de custard net stevig, maar in het midden nog zacht is.

Laat de bakjes in het water afkoelen. Neem ze eruit en zet ze voor 3 tot 4 uur in de koelkast.

Bestrooi voor het opdienen met de amandelsnippers en de poedersuiker. Karamelliseer de suiker met een brander of onder een hete grill. Zet tot het moment van serveren weg op kamertemperatuur.

Smullen maar!

dinsdag 10 mei 2011

Varkensvlees met Chinese roerbakgroenten


Dit is een van mijn favoriete slanke gerechten. Maar sowieso is wokken heel smaakvol en bovenal gemakkelijk.

Belangrijk is dat het vlees genoeg tijd krijgt om te marineren. Het liefst ’s morgens vroeg snijden, marineren en laten intrekken.
Het meeste werk aan dit gerecht is het snijden van de groenten. Mooie, gelijke reepjes paprika en wortel, selderij en dunne schijfjes champignons. Dit neemt natuurlijk wat tijd in beslag, maar is wel nodig om gelijkmatig beetgaar te wokken.

Eigenlijk vind ik het allerlekkerst van dit gerecht het gebruik van de Chinese kruidenmix: Vijf sterren kruiden of vijf kruiden poeder wordt het ook wel genoemd. Dit is een mix van peper, kruidnagel, steranijs, kaneel en venkel. Deze combinatie bevat alle basis smaken: zoet, zuur, zout, bitter en scherp. Met de sojasaus en oestersaus past deze kruidenmix heerlijk bij het vlees en de groenten.

Het gerecht serveer ik bij voorkeur met Chinese mie (noedels of noodles).

Varkensvlees met Chinese roerbakgroenten (Hoofdgerecht voor 2 personen)

Ingrediënten:

200 gram mager varkensvlees, rauw en in reepjes gesneden
1 eetlepel sojasaus
1 eetlepel Chinese oestersaus
1 theelepel Chinese kruidenmix
2 eetlepels arachideolie
1 halve rode paprika, in reepjes gesneden
1 stengel selderij, in reepjes gesneden
2 middelgrote wortels, in reepjes gesneden
75 gram champignons, dun in plakjes gesneden
75 gram broccoli, in roosjes
1 sjalot, fijngehakt
250 gram mie, gekookt

Bereiding:

Doe het varkensvlees in een schaal. Vermeng met de sojasaus, oestersaus, de kruidenmix en 2 eetlepels water in een kom. Roer goed door elkaar. Bestrijk het vlees royaal met de saus, dek af en laat minstens 2 uur intrekken (bij voorkeur nog langer).

Verwarm olie in een grote wok op hoog vuur. Voeg de paprika, selderij en de wortels toe en bak al roerend 3 minuten. Doe vervolgens de champignons, broccoli en de sjalot erbij. Roerbak nog eens 2 minuten.

Haal de groenten met een schuimspaan uit de wok en zet apart. Doe nu het gemarineerde vlees in de wok en roerbak 3 minuten. Voeg de resterende marinade toe aan de wok en laat het geheel nog even bakken. Doe dan de groenten er weer bij en roer goed door elkaar.

Doe ondertussen de noedels (mie) in kommetjes er verdeel de groenten met het vlees over de twee porties.

Smullen maar!

maandag 9 mei 2011

Pastasalade met kip


In het kader van: “Het moet maar eens wat slanker” heb ik voor vandaag een salade bereid. Het idee komt uit de nieuwsbrief die ik elke week ontvang van Weight Watchers. Enkele jaren geleden heb ik een periode deelgenomen aan de wekelijkse bijeenkomsten om een paar kilootjes van m’n gewicht af te halen.

Nu, met het prachtige mooie weer van de laatste weken en het voornemen om van de zomer ook echt slank te kunnen zijn, heb ik me voorgenomen om maar weer eens een poging te gaan wagen. Dus in de komende weken let ik op wat ik bereid en eet. Er staan nog wel wat recepten in mijn bibliotheek die gebruikt kunnen worden.

Het rosétje, het stukje kaas en het handje nootjes voor het avondeten blijft voorlopig achterwege. Ik ga mijn best doen. Een extra bezoekje aan de sportschool zal mij verder op weg helpen.


Pastasalade met kip (Hoofdgerecht voor 4 personen)

Ingrediënten:

250 gram volkoren pasta, bijvoorbeeld Penne
1 rode ui, in dunne ringen gesneden
2 stengels selderij, in stukjes gesneden
1 middel grote appel, in stukjes gesneden
1 rode paprika, in stukjes gesneden
1 blikje mais (150 gram) afgespoeld en uitgelekt
300 gram gebakken kipfilet, in stukjes gesneden
1 eetlepel peterselie, fijn gesneden
1 eetlepel bieslook, fijn gesneden
150 gram magere yoghurt

Bereiding:

Kook de pasta in gezouten water volgens de instructie op de verpakking. Laat uitlekken en spoel goed af onder koud water.

Meng in een schaal de ui, selderij, appel, paprika, mais, kip, peterselie en bieslook. Voeg de pasta en yoghurt toe en breng op smaak met peper en zout. Roer goed door. Dek de schaal af en zet in de koelkast tot gebruik.

Eventueel kan je twee theelepeltjes currypoeder toevoegen om het gerecht wat pittiger te maken.

Smullen maar!

maandag 18 april 2011

Saté kambing

De gerechten van de Indische rijsttafel die ik aan mijn gasten geserveerd heb zijn als volgt:

Witte rijst
Saté kambing, Babi Ketjap, Rendang (Vleesgerechten)
Ajam paniki (Kipgerecht)
Pepesan (Visgerecht)
Sambal goreng boontjes, Oerap (Groentegerechten)
Sambal goreng Telor (Eierengerecht)
Atjar ketimoen, Asinas nanas (Zoetzure bijgerechten)
Verschillende soorten sambal
Bawang goreng (Gebakken uitjes)
Abon

De meeste recepten heb ik inmiddels gepubliceeerd op deze blog. De nog niet verschenen items zal ik in de toekomst zeker nog op deze blog plaatsen.

Het laatste onderdeel dat bereid moest worden was de Saté kambing. Mijn man was verantwoordelijk hiervoor en werd geassisteerd door de gasten onder het genot van een drankje.


Saté kambing


Ingrediënten:

500 gram lamsvlees (of geitenvlees)

Voor de marinade:
1 kleine rode ui, gesnipperd
2 teentjes knoflook, uitgeperst
1 theelepel djahé (gemalen gemberwortel)
1 theelepel ketoembar
3 eetlepels ketjap manis
6 blaadjes djeroek poeroet, gekneusd
0,5 theelepel zout
limoensap


Bereiding:

Snijd het vlees in blokjes. Roer alle ingrediënten voor de marinade door elkaar. Schep het vlees door de marinade en laat het afgedekt minstens 8 uur in de koelkast staan.

Neem het vlees uit de marinade en rijg het aan satéstokjes.

Rooster de saté op de BBQ in ongeveer 10 minuten, keer de stokjes regelmatig.

Sprenkel wat citroensap over de saté.

Serveer met bawang goreng (gebakken uitjes).


Selamat makan!

zaterdag 16 april 2011

Babi ketjap


Zo, de voorbereidingen voor de rijsttafel voor morgen vorderen gestaag. In de koeling staan al verschillende gerechten, gereed om verwarmd en opgediend te worden. Het meeste werk zit er alweer op.

De Indische keuken kenmerkt zich doordat de gerechten dagen van te voren gemaakt kunnen worden. Hoe langer het gerecht staat, hoe beter de smaken intrekken. Morgen alleen nog maar de verse groenteschotel maken, want de groenten moeten natuurlijk wel knapperig blijven.

Dit vleesgerecht krijgt ook ruim de tijd te marineren en in te koken.


Babi ketjap (Varkensvlees in ketjapsaus)

Ingrediënten:

500 gram magere varkenslappen
3 eetlepel (arachide) olie

Voor de marinade:
200 gram gesneden prei
2 uien, gesnipperd
4 teentjes knoflook, fijn gehakt
3 kemirienoten, grof gehakt
1 eetlepel gember wortel, fijn gesneden
1 eetlepel djintan
1 eetlepel ketoembar
350 milliliter ketjap manis
1 eetlepel sambal oelek
2 eetlepels goela djawa
3 eetlepels witte-wijnazijn


Bereiding:

Snijd het vlees in dobbelsteentjes, circa 2 centimeter. Verhit de olie in een wok en bak het vlees rondom bruin.

Meng alle ingrediënten voor de marinade in een grote kom en schep het vlees erdoor. Laat het vlees afgedekt minstens 8 uur in de koelkast marineren.

Schep het vlees met de marinade in een braadpan en breng het geheel aan de kook. Laat het vlees afgedekt in 30 minuten zachtjes gaar worden.

Lekker met witte rijst en als onderdeel van een rijsttafel met verschillende vlees en groentegerechten.

Selamat makan!

vrijdag 15 april 2011

Asinas nanas


Vandaag heb ik de hele dag maar vrij genomen. Een dag om inkopen te doen en alvast een paar gerechten te maken voor zondag. Dan komt ons eetclubje weer eens bij elkaar. Mijn man en ik zijn deze keer aan de beurt. Al een paar weken tref ik zo mijn voorbereidingen. Wat zet ik op tafel? Welke soort van keuken kies ik? En ga zo maar door.

Ik heb niet wakker gelegen over de keuze van de keuken. Het wordt een Indische rijsttafel! Maar dan ook een echte, met allerlei verse kruiden en verschillende vlees- en groentegerechten. Niets komt uit een zakje of potje. Voor de juiste ingredienten kan ik putten uit een groot aantal recepten die ik op de plank heb liggen. Een paar van de schotels zijn al eerder op deze blog geplaatst.

Van de uitgebreide Indische rijsttafel voor aanstaand weekend zet ik daarom alleen de recepten op deze blog die ik nog niet eerder heb laten zien.

Hier het eerste gerecht. Dit is een bijgerecht; een zoetzuur van ananas.

Asinas nanas

Ingrediënten:

1 verse ananas
2 rode lomboks
1 eetlepel arachide olie
2 sjalotten, gesnipperd
0,5 theelepel ketoembar
1 mespuntje djintan
400 milliliter witte wijnazijn
100 gram suiker
1 kaneelstokje
6 kruidnagels
0,5 theelepel versgemalen peper

Bereiding:

Snijd de verse ananas in plakken, schil en snijd de harde kern eruit. Snijd de plakken in stukjes.

Snijd de lomboks overlangs doormidden, verwijder de zaadjes en snij het vruchtvlees in smalle reepjes.

Verhit de olie in een steelpan met anti-aanbaklaag en roerbak de lombok, sjalotten, ketoembar en djintan 3 minuten. Voeg de azijn, suiker, kaneel, kruidnagels, peper en 75 milliliter water toe.

Breng het geheel al roerend aan de kook en laat het 10 minuten heel zachtjes pruttelen. Roer regelmatig.

Neem de pan van het vuur en meng de ananas door het vocht. Schep het gerecht in een goed schoongemaakte glazen pot en laat het minstens 1 dag in trekken voor gebruik.

De zoetzure ananas is ongeveer 1 week houdbaar in de koelkast.

Selamat makan!

maandag 11 april 2011

Bonenstamppotje


Jammer, mijn vakantie zit er helaas weer op. 16 jaar geleden had ik voor het laatst op de ski’s gestaan. Gelukkig is skiën net zoals fietsen of zwemmen. Je verleert het blijkbaar niet. Na enkele onwennige bochtjes en wat wankelende knieën vond ik de juiste ‘schwung’ weer en heb ik heel wat afdalingen gemaakt.

Het weer in de Franse alpen was fantastisch, prachtige blauwe luchten met zonovergoten bergen. De sneeuw was perfect. Alle liften waren nog geopend en de afdalingen konden nog tot aan het terras van het appartementengebouw gemaakt worden. Wat wil een mens nog meer?

Teruggekomen in Nederland was het al volop lente. De plantjes in de tuin lopen al uit, de vogels kwetteren al vroeg in de ochtend. Een mooie overgang naar de alledaagse beslommeringen. Zelf weer het avondeten kiezen, kopen en koken.
Voor het begin van deze week daarom een eenvoudig doch smakelijk gerecht. Deels geïnspireerd door de nieuwe allerhande van AH, maar met een persoonlijke touche.


Bonenstamppotje

Ingrediënten:

1 kilogram aardappelen, geschild
300 gram snijbonen, gesneden
200 gram tuinboontjes
200 milliliter crème fraîche
0,5 krop ijsbergsla, in reepjes gesneden
2 eetlepels verse dille, fijngesneden
vers gemalen peper
zout


Attributen:

pureestamper

Bereiding:

Kook de aardappelen in water met zout in circa 20 minuten gaar en giet af.

Kook ondertussen de snijbonen in ongeveer 6 minuten beetgaar en giet af.

Verwarm de witte boontjes kort en giet af.

Stamp de aardappelen met de crème fraîche tot een smeuïge puree. Schep de snij- en witte bonen, sla en dille er door. Breng op smaak met peper en zout.

Serveer met een oer-Hollandse gehaktbal.

Smullen maar!